Korrelig plaatje (de avond valt al, nú al, alleen een telefooncameraatje bij de hand en dat houdt alleen van daglicht) van de verhuisde cayennepepertjes; voor het kijkersgemak zijn er vier genummerd, maar er zijn er meer. Hier krijgen ze veel en veel meer zon en rijpen ze misschien nog helemaal. Verder onveranderd veel groen geluk, allerlei schoons meegenomen van ver, spannende grassen (een coup de foudre bij ene Herman Müssel, een miscanthus met onweerstaanbaar tere pluimen, z’n kleine broertje met de sprookjesachtige naam Kleine Silberspinne staat nu achter te wachten op de volle grond) en meer, het noodlijdende gele chrysantje dat ik uit de onverschillige klauwen redde van de grootgrutter die helemaal niet op dit kleintje lette, het was vrijwel dood, stond helemaal droog, maar heeft het hier nu enorm naar z’n zin en breidt zich steeds verder uit in het verder wat sneue voortuintje waarvan de grond wat lastig blijkt. Misschien moet je die verrijken. Of niet, want het chrysantje floreert, evenals de Brooklynse korenbloemen (de laatste rechts op het korrelplaatje te zien) en het raadselbloempje, dat maar blijft bloeien. Er zijn maximaal vier bloempjes en waar er eentje is uitgebloeid, is al een nieuwe knop ontstaan die het stokje overneemt. Misschien heet het estafettebloem.
Gelukkig heeft meester Wog groene vingers. En ook best aardige ideeën die geleidelijk op papier vorm krijgen.



Recente reacties